Een monitor (of “scope”) registreert voortdurend de hartslag en ademhaling, bloeddruk en zuurstofsaturatie in het bloed. Deze gegevens worden verzameld met sensoren en elektroden die via kabels met de scope zijn verbonden. De monitoren zijn ingesteld om het medisch personeel te waarschuwen als de toestand van de patiënt instabiel is. Deze monitors zijn ook verbonden met centrale bewakingsstations zodat de toestand van de patiënt voortdurend wordt bewaakt, zelfs wanneer het medisch personeel niet in de kamer aanwezig is.